
De nieuwe Jack Klotepote staat erop (even doorscrollen tot de 3 of de wc-pot en dan lezen) Het verhaal staat op pagina in de rechter zijbalk onder de titel Jack Klotepote van het Rainplain.

De nieuwe Jack Klotepote staat erop (even doorscrollen tot de 3 of de wc-pot en dan lezen) Het verhaal staat op pagina in de rechter zijbalk onder de titel Jack Klotepote van het Rainplain.
Nieuw!!!
Hoofdstuk 2 van “Jack Klotepote van het rainplain” staat in de zijbalk onder “Jack Klotepote…
Jack Klôtepôte is te vinden in de zijbalk onder de titel “Jack Klôtepôte van het Rainplain”. Hoofdstuk 1 staat er op.

Vanaf morgen begint op deze blog onder bovenstaande titel een Alphense crimisoap. Tegen het eind van morgenmiddag is de eerste aflevering te raadplegen.
Vandaag las ik in het Alphens Nieuwsblad dat een Alphenaar een lezing held aan de universiteit van Soerabaja. Deze zeer geleerde heer vertelde de Alphenaren dat de Nederlanders vanaf de Middeleeuwen de baas waren in die stad tot aan de Tweede Wereldoorlog. Dat is klinkklare nonsens aan beide kanten.
Nu is Soerabaja de geboorteplaats van mijn moeder en daardoor ben ik wat meer geïnteresseerd in de Nederlandse aanwezigheid in Indië dan de gemiddelde Nederlander. In de Middeleeuwen was nog geen Nederlander op de hoogte van het bestaan van Indië en dat duurde ook daarna nog tot ongeveer 1600. Daarna waren de Nederlanders nog behalve de baas in Soerabaja. Dat liet een paar eeuwen op zich wachten. Als je het snel zegt, is het niks. Het Nederlandse gezag over die stad hield op met het vertrek uit Indonesië in 1949, vier jaar na de Tweede Wereldoorlog. Onzin in de krant dus.
![]()
Voor 1596 wisten de mensen in het gebied dat nu Nederland heet nauwelijks dat Indië bestond, ook de kooplui hadden er weinig kaas van gegeten. Dat is globaal genomen zo’n 100 jaar na de Middeleeuwen. Deze houden formeel op in 1500. Voor Nederland is het optreden van Desiderius Erasmus een aardige mijlpaal om het einde van de Middeleeuwen aan te geven. Hij werd in 1466, 1467 of 1469 geboren in wat een plaats die nu tot de gemeente Rotterdam behoort.
De Middeleeuwen zijn in enkele woorden te omschrijven als een periode waarin Keizer, Kerk en feodaliteit de cultuur beheersten. In ons gebied kwam daaraan langzamerhand een einde door de vorming van de Bourgondische Kreits en de instelling van de Staten der Gewesten.
In 1602 kreeg de Verenige Oost-Indische Compagnie (VOC) die toen piepjong was het octrooi voor Oost-Indië, het gebied dat later bekend kwam te staan als Nederlandsch-Indië en nog later Indonesië. In geen geval hadden de Nederlanders met hun VOC in die tijd al iets te vertellen in Soerabaja of wat daar in die tijd voor doorging. De VOC had niet de interesse en niet de middelen voor een volledige overheersing, zelfs niet van het eiland Java waarop Soerabaja ligt. Pas in de 19e eeuw onder Koning Willem I ondernamen de Nederlanders serieuze pogingen het hele gebied onder controle te krijgen. Dat is dus ruim tweehonderd jaar nadat de VOC het octrooi kreeg. De gedachte dat Nederland vanaf de “Middeleeuwen” de baas was in Soerabaja is daarmee volledig naar het rijk der fabelen verwezen.
Ik maak mij daar kwaad over omdat ik niet begrijp waarom iemand die zijn informatie zo slecht beheerst of checkt überhaupt lezingen over wat dan ook aan een universiteit zou moeten geven. Straks gaat hij nog beweren dat de Japanners Indië van de Nederlanders hebben bevrijd! Als dat eens waar was. Dat de redactie vervolgens deze non-informatie laat doorgaan, is ook al niet zo best natuurlijk.

Het is deste erger omdat ik al eens jongere Nederlanders heb gesproken die mij vroefgen wat die Molukkers toch in Nederland deden. Op school worden zij kennelijk dermate armzalig over ons Indisch verleden ingelicht dat er een volslagen geestelijke duisternis heerst op dat gebied.
Tot beterschap,
Kaj Elhorst

Waarom is het zo leuk om in de oppositie te zitten? Omdat je dan ten volle je politieke gezicht kunt laten zien. Je kunt spetteren en sputteren, schelden en aanvallen zonderdat je ook maar enige verantwoordelijkheid hoeft te dragen. Heel mooi! De bedoeling is natuurlijk om de zittende coalitie te verdrijven. Daarna word je zelf coalitie en moet je het gespuw van de anderen ondergaan. Daarom: oppositie plegen is leuker dan regeren.
Misschien vinden sommige partijen het voeren van oppositie wel zo leuk dat ze alles doen om maar niet in een coalitie verzeild te raken. Het nadeel daarvan is dat zij dan oo nooit hun idealen kunnen verwezenlijken maar ja, soms houdt dat de legende in stand. Een ontoereikende verkiezingsuitslag betekent in dat geval “saved by the bullet”.
Afgelopen donderdag kwam de oppositie met een hernieuwde aanval op wethouder Van Wersch. Hij zou de bewoners van de Havixhorst een spreekverbod met de pers hebben opgelegd. Dat lijkt mij de meest kakelende nonsens want een wethouder kan zo’n spreekverbod volgens mij helemaal niet opleggen, hooguit via de rechter en dan nog… *Of beschikt hij over een knokploeg van het kaliber Hero Brinkman? Onze mondige burgers hebben zich, gedreven door eigen schijterigheid, in de luren laten leggen. Zij hebben zitten denken voor een ander en daaruit de meest stupide conclusie getrokken.
Dan is er de grote angst bij Halfje Wit dat het gebouw wordt gesloopt en dat er vervolgens toch iets anders voor in de plaats komt. Iets dat meer voldoet aan de oorspronkelijke plannen van de wethouder. In werkelijkheid is in het gewraakte stuk nergens te lezen dat de wethouder niet van plan zou zijn gehoor te geven aan de wens van de raad: Halfje Wit als buurtcentrum op de huidige locatie.
Afgesproken is dat Halfje Wit gehandhaafd wordt op de huidige locatie maar niet dat die handhaving zal plaatshebben in de huidige huisvesting. Het verslag van het gesprek tussen de wethouder en het bestuur van Halfje Wit suggereert niet eens dat er sprake zal zijn van verplaatsing. Kennelijk is hetw antrouwen bij de buurtvereniging en bewoners zo groot geworden, dat zij op voorhand al bang zijn voor een trucje van het college.
Dat is niet goed. Dat wantrouwen bedoel ik. Dat is een teken aan de wand a la “mene, mene”. Daaraan moet iets gebeuren maar ja, wat te doen? Het probleem is dat een college dat ingrijpt in de geheiligde buurthuizen zichzelf bij voorbaat al verdacht maakt. O, ik moet zeggen: gemeenteraad want het is de gemeenteraad geweest die een nieuw accommodatiebeleid wenste. Toonde de raad zich daarmee vertegenwoordiger van de Alphense bevolking? Iets dat ze toch eigenlijk zou moeten zijn? Ja, dat weet ik niet hoor. Ik weet niet hoeveel Alphenaren zitten te wachten op een herziene indeling van accommodaties. Ik weet ook niet hoeveel Alphenaren precies een verdubbelde N 207 willen en ik weet niet hoeveel Alphenaren überhaupt opw elke verandering dan ook zitten te wachten. Mondigheid geeft daar geen duidelijkheid over. Mondigheid geeft uitsluitend inzicht in de tegenzin van Alphenaren tegen de realisatie van voorkeuren van stadgenoten.
Begrijp me goed, ik heb alle begrip voor de oppositie. Ik vind het ook belangrijk dat zij haar werk doet maar de kwaliteit van dat werk moet wel onbetwistbaar zijn.
Tot badens,
Kaj Elhorst
*Ik heb de vraag hierover maar eens aan de VNG voorgelegd en het antwoord is toch wat ruimer. Bijvoorbeeld een wethouder kan een verbod tot openbaarmaking opleggen van zaken die vallen binnen de beperkingen van de Wet Openbaarheid van Bestuur. Niet verrassend maar wel zuiver om te vermelden.
![]()
Vandaag las ik in een column dat de leus “van de doden niets dan goeds” zo zijn bedenkelijke kanten heeft. De auteur stelde zich allerlei vragen bij personen met een minder fraai verleden. Daarbij vroeg hij zich af of het geoorloofd zou zijn om over notoire slechterikken bij hun dood alleen maar goede dingen te vertellen. het is grappig maar hij komt tot een heel andere conclusie dan ik. Overigens, dat verbaast me niets want de auteur lopen enigszins uiteen in opvattingen.
Als journalist heb ik mijzelf ooit de vraag egsteld of ik in staat geweest zou zijn Adolf Hitler in zijn cel te interviewen en dan een artikel te schrijven met een redelijk genuanceerd beeld van de man te geven. Als professioneel moet je zoiets kunnen, vind ik.
Vooropgesteld dat ik met hem eem normaal gesprek had kunnen voeren, was mijn antwoord; ja, dat kan ik. Dat komt niet doordat ik het een schatje vind. Het heeft wel te maken met mijn vermogen om verbanden en tegenstellingen te zien. Bij de aanvang van zo’n interview zou het toch prachtig zijn om je te realiseren dat AH’s tegenstanders nu ook niet bepaald stuk voor stuk heilige hartjes zijn geweest, niet voor en niet tijdens de WOII.
Over de doden niets dan goeds. Mijn auteur vreest dat een dergelijk uitgangspunt zal leiden tot leugenachtige hypocrisie of oppervlakkigheid over de overledene. De vraag is natuurlijk voor wie je een speech of artikel maakt na het overlijden van iemand. Vroeger toen mensen nog wel eens ergens in geloofden, meenden ze dat een positief verhaal na de dood ook positieve gevolgen voor de overledene in het hiernamaals zou hebben. In onze ongelovige tijd hoef je daarmee niet meer aan te komen.
De vraag is: wat wil je met je speech of “in memoriam”? Zijn ze bedoeld om een algemeen aanvaard en ‘eerlijk” beeld van de overledene te geven. Daarbij loop je het gevaar zijn of haar slechte kanten zwaar te belichten terwijl iedereen daarvan al lang doordrongen is.
Mij lijkt dat een verhaal na het overlijden van een persoon een beeld moet geven van de totaliteit: wat deed iemand, waarom, hoe is dat zo gekomen en…wat kunnen WIJ daarvan leren. Want daar gaat het om. Dat de overlevenden iets leren van de overledenen. Geen wraakgierige gedachten dus maar juiste conteksten. Zolang mijn auteur zich onder de druk van vele omstandigheden laat verleiden tot het kiezen van voor hem onbehapbare onderwerpen, zal hij dat niveau niet bereiken. Ik ga lekker niet zeggen om wie het gaat want dat heeft hij ook niet gedaan.
Tot memorabilia,
Kaj Elhorst
Http://badplaatsalphen.wordpress.com
Service

Wat jammer nou dat Dennis Captein zijn column vandaag al gebruikte om zijn partijgenoot in besc herming te nemen.
Groeten,
Kaj Elhorst
Http://badplaatsalphen.wordpress.com
Service

Open
Beste Wil, wij kennen elkaar al een tijdje en ik heb je altijd gewaardeerd om je eerlijkheid en het feit dat je ronduit voor je mening uitkwam, ookal zijn we het lang niet altijd eens. Dat is niet iedereen gegeven. Toch verbaas ik me nu een beetje over je. Natuurlijk weet ik dat Gerard je niet netjes heeft behandeld en ik heb ook altijd begrip gehad voor je kwaadheid daar om. Even zo goed lijkt me dit niet het juiste moment om oude wrok op te laten spelen. Integendeel, dit is het ebste moment, ook voor jou, om afscheid te nemen van een oud stuk onvrede. Volgens mij voell je je er prettiger bij als je dat gevoel nu weggooit. het is nog gezonder ook. Bovendien past het toch niet bij jouw eerlijkheid om iemand te schofferen op een moment dat hij daar niets meer tegenover kan stellen? Kom, verzamel je moed en wijsheid en toon je respect voor iemand die is overleden, die zijn leven leidde zoals hij dacht dat het moest en die zijn fouten niet meer kan goed maken. Voor hetzelfde punt komen jij en ik ooit ook te staan.
Groeten,
Kaj Elhorst

Het is altijd schrikken als iemand die je kent overlijdt, vooral als dat plotseling gebeurt. Dat was voor mij ook het geval met het overlijden van Gerard Meereboer in de afgelopen nacht. Ik ken hem al sinds 1993 toen de Initiatiefgroep Democratisch Alphen (IDA) een gooi besloot te doen naar een zetel in de gemeenteraad, wat ook is gelukt.
In de periode die daaraan voorafging probeerde Gerard met zijn partij Alphense Stadspartij samenwerking te zoeken. Als voorzitter van IDA heb ik daarover toen met hem gesproken maar de samenwerking kwam niet tot stand. We verschilden bijna over alles van mening, zeker waar het ging om organisatie van de partij en de invloed van leden. Mislukt dus, en gek genoeg heeft hij me dat altijd kwalijk genomen, ook al slaagde hij er later toch in twee zetels in de gemeenteraad te veroveren.
Ik heb daar nooit een probleem van gemaakt. Zeker is dat Gerard in de Alphense politiek en de Alphense samenleving een opmerkelijke persoon was en daar heb ik veel respect voor. Er is moed en zelfvertrouwen nodig om het aan te durven in de samenleving een geheel eigen koers te varen. Ook in onze zo veelvuldig geprezen democratische wereld, wordt dat niet altijd door iedereen op prijs gesteld.
Gerard, rust in vrede en laten wij als levenden vooral de positieve herinneringen die we aan hem hebben, koesteren. Voor Gerard en zijn nabestaanden maar ook voor ons zelf want het behoud van alles wat niet positief is, komt ons op een slechte dag duur te staan. Zonder Gerard is Alphen aan den Rijn wat minder compleet.
Kaj Elhorst.
www.badplaatsalphen.wordpress.com